‘Samen, aandacht en gunnen’, dat zijn de sleutelwoorden bij het Middelburgse ONDO. De Zeeuwse vereniging timmert de laatste jaren hard aan de weg en hierdoor groeit het ledental, zijn er sportieve successen en is er een fonkelnieuw clubhuis op komst. Wat is de succesfactor van ONDO?

'Verenigen doen
we samen'

is ONDO (M) op het lijf geschreven

Arjen Hoefkens is voorzitter van het zevenkoppige bestuur van de Overgangsklasser (veld): “We zijn vooral trots op de goede positieve sfeer binnen de vereniging en de goede balans in leden, vrijwilligers en ouders. Dit is een bewuste richting, die het bestuur een aantal jaren geleden is ingezet. De Back to Basics-video’s (deel 1, deel 2) zijn hiervoor een inspiratiebron geweest.”

Bestuurslid Addie Coomans vult aan: “We hebben de stap gezet om vanuit onze kernwaarden beleid te maken. Passie, plezier en presteren zijn onlosmakelijk aan ONDO verbonden en zijn nu ook geborgd.” Hij benadrukt: “Bij ons is presteren ondergeschikt aan plezier. Het werken en balanceren met deze kernwaarden levert de vereniging veel op. Intern creëren we saamhorigheid, extern levert het ons goodwill, zichtbaarheid, kennis en ervaring op.”

'Bij ons is presteren ondergeschikt aan plezier'

Het bracht de vereniging een geleidelijke ledengroei van 306 in 2015 naar 320 nu. De verwachting is dat deze groei zich langzaam zal voortzetten. Ook op sportief gebied lijkt de aanpak succes te brengen. De korfballers van ONDO zijn vorig jaar op het veld voor de derde keer in zes jaar gepromoveerd. Voor het eerst in de clubgeschiedenis komen ze nu op het veld uit in de Overgangsklasse.

Vrijwilligers

Bij ONDO wordt elke vrijwilligerstaak ingeschaald aan de hand van een puntensysteem. Daarbij geldt; lid worden van ONDO betekent automatisch dat je een aantal taken op je neemt, ook ouders van jeugdleden. Een enquête en opvolgend persoonlijk contact zorgt voor een goed beeld van wat leden willen doen voor de vereniging en dit alles leidt steeds meer tot een evenwichtige verdeling van taken.

Hoefkens: “Zo ontstaat er een goede positieve sfeer en een hoge betrokkenheid. Dat merken we nu ook bij de bouw van onze nieuwe clubhuis. Door zelf veel te doen kunnen vele euro’s bespaard worden en we genieten van alle mensen, die spontaan de handen uit de mouwen steken.”

Buiten de grenzen

Naast de aandacht die het bestuur intern besteedt aan de vereniging kijkt het ook ‘over de grenzen’. Zo zoekt het de samenwerking met scholen, andere verenigingen en de gemeente. Hoefkens: “Hoewel we graag een pro-actievere houding vanuit de gemeente zouden zien, zijn de contacten wel altijd goed gebleven. We zijn ook aangesloten bij het lokale sportakkoord en moeten zorgen dat dit ons ook wat oplevert.”

Een intensief contact met de basisscholen in de omgeving heeft er mede voor gezorgd dat korfbal nu één van de drie sporten is, die standaard wordt gegeven met de combinatiefunctionaris. Daarnaast organiseert ONDO in samenwerking met de scholen jaarlijks voor zo’n vierhonderdvijftig kinderen de Giga Kangoeroedag en het schoolkorfbaltoernooi. “Zulke samenwerkingen leveren voor alle partijen wat op”, zo besluit Hoefkens.

Aandacht voor teams en trainers

Niels Witte, voorzitter van de technische commissie: “We hebben veel aandacht voor alles rondom het indelen van de teams en het aanstellen van trainers. Onafhankelijke personen kijken en praten mee voor we beslissingen nemen. Ook hier zoeken we naar de juiste balans tussen de kernwaarden, zodat er voor iedereen een passend plekje is. Vanuit de voorbereiding vanaf februari communiceren we hier duidelijk over en gaan het gesprek aan met de leden en de ouders.”

Zeeuws Korfbal Platform

De Zeeuwse korfbalverenigingen komen regelmatig bij elkaar in het Zeeuws Korfbal Platform (ZKP), een initiatief van de verenigingen zelf.

Hoefkens: “We kijken bij elkaar in de keuken en wisselen kennis en ervaring uit. Zo hoeft niemand het wiel opnieuw uit te vinden. We gunnen elkaar ook iets. Wij bieden een helpende hand aan de kleinere verenigingen, bijvoorbeeld door ze mee te laten doen met onze trainers-scholing of het delen van oefenstof. Daar hebben we zelf ook iets aan, want voor het korfbal in de regio is het belangrijk, dat de verenigingen blijven bestaan en zich verder ontwikkelen”.